Welkom bij Metro Pensioenfonds!

Ben je 21 jaar of ouder? En werk je bij Makro? Dan bouw je pensioen bij ons op.

Alsjeblieft! Dit is laag 2 van Pensioen 1-2-3
Je leest wat je wel en niet krijgt in onze pensioenregeling. In deze laag 2 staan alle belangrijke kenmerken van onze pensioenregeling. Je leest hier meer over de onderwerpen in laag 1.

Pensioen 1-2-3 bestaat uit 3 lagen
Laag 1: je pensioenregeling in 5 minuten.
Laag 2 : meer informatie over alle onderwerpen.
Laag 3: álle regels en het beleid van ons pensioenfonds.

Lees je de informatie liever op papier? Vraag dit dan aan via contact.

In Pensioen 1-2-3 staan geen bedragen of persoonlijke informatie
Die vind je op het Uniform Pensioenoverzicht dat je elk jaar van ons krijgt. Maar ook bij Mijn pensioen. Wil je weten hoeveel AOW en pensioen je in totaal hebt? Kijk dan op mijnpensioenoverzicht.nl.

Wat krijg je in onze pensioenregeling?

ouderdomspensioen

Je krijgt ouderdomspensioen vanaf je 68e jaar

Via je werkgever neem je deel in de pensioenregeling van Metro Pensioenfonds en bouw je ouderdomspensioen op. Dat ouderdomspensioen ontvang je in principe als je 68 jaar wordt, of als je daarvoor kiest eerder of later. Je ouderdomspensioen is een aanvulling op de AOW. De AOW is het pensioen dat je van de overheid ontvangt als je de AOW-leeftijd bereikt.

Hoeveel pensioen je straks ontvangt van Metro Pensioenfonds is vooral afhankelijk van de hoogte van het salaris dat je hebt verdiend en het aantal jaren dat je pensioen hebt opgebouwd. Het ouderdomspensioen wordt vanaf je 68e jaar elke maand uitbetaald, zolang je leeft. De hoogte van het ouderdomspensioen staat op je Uniform Pensioenoverzicht (UPO) en op mijnpensioenoverzicht.nl.

De pensioenregeling waaraan je deelneemt is een uitkeringsovereenkomst. Elk jaar bouw je pensioen op over een deel van het brutoloon dat je in dat jaar hebt verdiend. Je bouwt niet over je hele brutoloon pensioen op. Wij houden namelijk al rekening met de AOW, die je van de overheid ontvangt als je de AOW-leeftijd bereikt. Het deel van je loon waarover je geen pensioen opbouwt, heet 'franchise'. Over het brutoloon minus de franchise bouw je jaarlijks 1,55% aan ouderdomspensioen op.

Stel: je verdient € 34.544,- per jaar. De franchise is € 14.544,- Dan bouw je in dat jaar 1,55% ouderdomspensioen op over de pensioengrondslag van € 20.000,-. Dat is € 310,- in dat jaar. Het ouderdomspensioen dat je bij pensionering ontvangt, is een optelsom van alle jaren plus de eventuele indexatie.

partnerenwezenpensioen

Je partner en kinderen krijgen een pensioen als je overlijdt

Je bouwt bij ons ook partnerpensioen en wezenpensioen op. Overlijd je? Dan geldt dit.

Je partner krijgt partnerpensioen zolang hij of zij leeft
Het partnerpensioen is ongeveer 70% van het ouderdomspensioen dat je zou krijgen als je tot pensionering bij Metro Pensioenfonds pensioen zou opbouwen. Bij overlijden na pensioneren krijgt je partner ook ongeveer 70% van het opgebouwde ouderdomspensioen. Maar dat is niet zo als je bij je pensionering (een deel van) het partnerpensioen hebt geruild voor extra ouderdomspensioen. En ook niet als je uit dienst bent gegaan en daarbij hebt gekozen voor waardeoverdracht.

Je partner ontvangt het partnerpensioen vanaf de 1e dag van de maand na je overlijden. De uitkering eindigt wanneer je partner zelf overlijdt. De hoogte van het partnerpensioen staat op je Uniform Pensioenoverzicht (UPO) en op mijnpensioenoverzicht.nl.

Onder partner verstaan wij:

  • je echtgenoot of echtgenote
  • degene met wie je een geregistreerd partnerschap hebt
  • degene met wie je ongehuwd samenwoont (en geen directe familie van jou is) en als jouw partner is aangemeld bij het pensioenfonds. Je hebt dan een notariële samenlevingsovereenkomst of je woont volgens het bevolkingsregister minstens 5 jaar samen op hetzelfde adres.

Alleen de partner die vóór je pensionering bij het pensioenfonds bekend was, kan in aanmerking komen voor het partnerpensioen.

Jouw partner krijgt misschien ook een Anw-uitkering van de overheid
Overlijd je? Dan krijgt jouw partner misschien een tijdelijke uitkering van de overheid. Dit staat in de Algemene Nabestaandenwet (Anw). Je vindt alle informatie op SVB.nl. Bijvoorbeeld over de voorwaarden:

  • jouw partner zorgt voor een kind jonger dan 18 jaar, of
  • jouw partner is minstens 45% arbeidsongeschikt.

Anw-hiaatpensioen: vrijwillige verzekering
Je kunt de uitkering voor jouw partner aanvullen. Sluit dan via het pensioenfonds vrijwillig een Anw-hiaatpensioenverzekering af als je nog in dienst bent bij Makro. Ook als je partner na jouw overlijden géén Anw-uitkering betaalt.

Je kinderen krijgen wezenpensioen tot hun 18e jaar
Je bouwt ook wezenpensioen op. Als je overlijdt, ontvangen je kinderen een wezenpensioen.

Onder jouw kinderen verstaan wij:

  • je eigen kinderen (ook geadopteerde kinderen)
  • je stief- of pleegkinderen die je zelf opvoedt en onderhoudt.

Het wezenpensioen gaat in op de 1e van de maand na je overlijden. De uitkering stopt als het kind 18 jaar wordt. Maar zolang het kind studiefinanciering of kinderbijslag ontvangt óf voor minimaal 45% arbeidsongeschikt is, krijgt hij of zij wezenpensioen tot hij of zij 27 jaar wordt.

Het wezenpensioen is per kind 20% van het (bereikbare) partnerpensioen. Als beide ouders zijn overleden wordt het wezenpensioen verdubbeld. In totaal wordt aan maximaal 4 kinderen een wezenpensioen uitgekeerd. Zijn er 5 of meer kinderen? Dan wordt het totale wezenpensioen (van 4 kinderen) verdeeld over alle kinderen.

De hoogte van het wezenpensioen staat vermeld op je Uniform Pensioenoverzicht (UPO) en op mijnpensioenoverzicht.nl.

arbeidsongeschiktheid

Je blijft pensioen opbouwen als je arbeidsongeschikt bent

Als je volgens de WIA voor 35% of meer arbeidsongeschikt bent en je recht hebt op een WIA-uitkering, dan heb je ook recht op (gedeeltelijke) voortzetting van je pensioenopbouw zonder dat je daar zelf nog premie voor betaalt. Deze premievrije pensioenopbouw is afhankelijk van de mate van je arbeidsongeschiktheid. Dit kun je zien in onderstaande tabel:

Je bent arbeidsongeschikt voor: Je blijft dan pensioen opbouwen voor:
80% - 100% 100%
65% - 80% 72,5%
55% - 65% 60%
45% - 55% 50%
35% - 45% 40%
0% - 35% 0%

Let op: vrijstelling van premiebetaling bij arbeidsongeschiktheid is een risicoverzekering. Dit betekent dat het pensioenfonds alleen de premie betaalt als je tijdens je dienstverband bij Makro arbeidsongeschikt wordt.

Arbeidsongeschiktheidspensioen
Als je jaarsalaris in 2021 hoger is dan de maximale WIA-uitkeringsgrondslag van € 58.307,40 en je komt door arbeidsongeschiktheid in aanmerking voor een WIA uitkering, dan heb je recht op een aanvullend arbeidsongeschiktheidspensioen van Metro Pensioenfonds.

De werknemersbijdrage voor het arbeidsongeschiktheidspensioen is per jaar 0,75% van de verzekerde uitkering. Je bijdrage wordt in 12 maandelijkse termijnen op je salaris ingehouden.

Let op: de dekking van dit arbeidsongeschiktheidspensioen is op risicobasis en eindigt als je niet meer bij Makro in dienst bent. Eindigt je dienstbetrekking terwijl je al een volledige (80-100%) arbeidsongeschiktheidsuitkering via Makro ontvangt (dus als je volledig arbeidsongeschikt bent), dan loopt je aanvulling gewoon door.

reglement

Je vindt alle regels in ons pensioenreglement

Wil je precies weten wat de regels zijn? Je leest het in het pensioenreglement in laag 3. Lees je het reglement liever op papier? Je vraagt dit makkelijk en snel aan bij contact. Je kunt ook je werkgever vragen om meer uitleg over je pensioen.

Wat krijg je in onze pensioenregeling niet?


In onze pensioenregeling zit alles wat belangrijk is voor je pensioen. Je bouwt namelijk ouderdomspensioen, partnerpensioen én wezenpensioen op. Ook hoef je als je arbeidsongeschikt wordt zelf geen pensioenpremie meer te betalen terwijl je pensioenopbouw wel (gedeeltelijk) doorloopt. Als je jaarsalaris in 2021 hoger is dan € 58.307,40 krijg je volgens de pensioenregeling ook in een aanvulling op de wettelijke arbeidsongeschiktheidsuitkering als je arbeidsongeschikt wordt.

Hoe bouw je pensioen op?

driepijlers

A. Algemene Ouderdomswet (AOW)
De AOW is het wettelijke pensioen van de overheid. Je bouwt dit zelf in ongeveer 50 jaar op als je in Nederland woont of werkt. De AOW van de overheid gaat nu in vanaf 66 jaar en 4 maanden. Maar die leeftijd gaat in stappen omhoog. Als de levensverwachting verder blijft stijgen, gaat ook de AOW-leeftijd omhoog. Je leest hierover meer op SVB.nl. Je vindt er ook de bedragen en meer informatie over de AOW.

Let op
Heb je in de 50 jaar voor je AOW-leeftijd niet altijd in Nederland gewoond of gewerkt? Dan valt je AOW-uitkering lager uit.

B. Pensioen dat je via je werk opbouwt
Hoeveel pensioen je opbouwt via de regeling van je werkgever, zie je op je Uniform Pensioen Overzicht (UPO). Dit krijg je ieder jaar van ons. Op het UPO staan het ouderdomspensioen dat je tot nu toe hebt opgebouwd en het pensioen op je 68-jarige leeftijd als je tot dat moment bij ons blijft opbouwen. Op het UPO vind je ook gegevens van het partner- en wezenpensioen. Dit is pensioen voor je partner en kinderen als je overlijdt. Wil je een overzicht van de pensioenen die je bij andere werkgevers hebt opgebouwd? Kijk dan op mijnpensioenoverzicht.nl.

C. De pensioenaanvulling waar je zelf voor zorgt
Je kunt je AOW en pensioen zelf aanvullen. Bijvoorbeeld met spaargeld of banksparen. Of met een verzekering, zoals een lijfrente. Of je dit nodig vindt, hangt af van je eigen situatie en wensen. Een financieel adviseur kan je helpen bij het maken van keuzes. Of kijk op nibud.nl voor de Pensioenschijf-van-vijf.

middelloon

Je bouwt pensioen op in een middelloonregeling

Ieder jaar bouw je pensioen op over een deel van het brutoloon dat je in dat jaar hebt verdiend. Je bouwt niet over je hele brutoloon pensioen op. Metro Pensioenfonds houdt namelijk rekening met de AOW-uitkering die je van de overheid ontvangt als je met pensioen gaat. Het deel van je loon waarover je geen pensioen opbouwt, heet ‘franchise’ en in 2021 bedraagt die €14.544-. Over het brutosalaris boven € 112.189,- bouw je ook geen pensioen op. Deze grens is wettelijk bepaald. Wel kun je over het salarisgedeelte boven deze grens zelf pensioen opbouwen, door bijvoorbeeld een lijfrente af te sluiten.

Over je brutoloon (tot € 112.189,-) minus de franchise bouw je jaarlijks 1,55% aan pensioen op. Het totale pensioen dat je zo opbouwt, is de optelsom van al die jaren plus de eventuele indexatie. Vanaf je pensioendatum ontvang je dit pensioenbedrag elke maand zo lang je leeft. Dit heet een middelloonregeling.

opbouw

Opbouw

Je bouwt jaarlijks een deel van je uiteindelijke pensioen op. Dat doe je niet over je hele brutoloon omdat je vanaf je AOW-leeftijd ook een AOW-uitkering van de overheid ontvangt. Het deel van het salaris waar je geen pensioen over opbouwt heet de 'franchise'. In 2021 is de franchise € 14.544,-. Ook boven een brutoloon van € 112.189,- wordt geen pensioen opgebouwd. Het brutoloon min de franchise is de 'pensioengrondslag'. Over de pensioengrondslag bouw je 1,55% pensioen op per jaar.

Stel: je verdient € 34.544,- per jaar. De franchise is € 14.544,- Dan bouw je in dat jaar 1,55% ouderdomspensioen op over de pensioengrondslag van € 20.000,-. Dat is € 310,- in dat jaar. Het ouderdomspensioen dat je bij pensionering ontvangt, is een optelsom van alle jaren plus de eventuele indexatie.

pensioenpremie

Je betaalt zelf voor je pensioen

Iedere maand wordt er premie betaald voor je pensioen. In feite is de premie de prijs van je pensioen. Je werkgever houdt jouw deel van de pensioenpremie elke maand in op je brutoloon. Je draagt zelf 8,57% van de pensioengrondslag bij. Op je loonstrook staat het exacte bedrag dat je betaalt. Je werkgever betaalt ook mee aan je pensioen. De premie die de werkgever betaalt staat niet op je loonstrook, maar is aanzienlijk hoger dan jouw deel. Als je wilt weten hoeveel je werkgever bijdraagt, kun je dat bij je werkgever navragen.

Welke keuzes heb je zelf?

waardeoverdracht

Waardeoverdracht

Verander je van baan en ga je daardoor naar een andere pensioenregeling? De hoogte van je opgebouwd pensioen per jaar bepaalt wat er met je pensioen gebeurt.

Is je opgebouwd pensioen hoger dan € 503,24 (2021) per jaar dan beslis je zelf of je je pensioen meeneemt. Dit kan bijvoorbeeld gunstig zijn als je nieuwe werkgever een betere pensioenregeling heeft. Of misschien wil je alle pensioenen bij één uitvoerder hebben. Laat je nieuwe pensioenuitvoerder dan weten dat je je pensioen wilt meenemen. Het meenemen van je pensioen regel je bij je nieuwe pensioenuitvoerder. Wil je je pensioen niet meenemen? Dan blijft je pensioen bij Metro Pensioenfonds staan.

Is je opgebouwd pensioen lager, maar wel hoger dan € 2,- per jaar? Dan zorgt Metro Pensioenfonds ervoor dat je pensioen meegaat naar je nieuwe pensioenuitvoerder als je na 1 januari 2018 uit dienst bent gegaan. Metro Pensioenfonds checkt daarom jaarlijks bij mijnpensioenoverzicht.nl of je pensioen opbouwt bij een nieuwe pensioenuitvoerder. Heb je geen nieuwe pensioenuitvoerder dan blijft je pensioen bij Metro Pensioenfonds.

pensioenvergelijker

Je pensioen vergelijken

Wil je je pensioenregeling vergelijken? Dat doe je met de pensioenvergelijker in laag 3.

pensioenvergelijker

Vrijwillige Anw-hiaatverzekering

Je kunt bij Metro Pensioenfonds kiezen voor een vrijwillige Anw-hiaatverzekering. Het Anw-pensioen van Metro Pensioenfonds is een aanvulling op het inkomen voor je partner voor het geval jij komt te overlijden. De premie voor deze verzekering wordt, als je hier aan meedoet, net als de premie voor de verplichte pensioenopbouw, via je werkgever op je salaris ingehouden.

Waarom een Anw-hiaatverzekering?
Naast het partnerpensioen van Metro Pensioenfonds komt je partner na jouw overlijden misschien in aanmerking voor een nabestaandenuitkering (Anw-uitkering) van de overheid. Maar het kan zijn dat je partner slechts gedeeltelijk of geen recht heeft op de Anw-uitkering van de overheid. Je kunt je daarom via het pensioenfonds vrijwillig verzekeren voor een extra inkomen voor je partner voor het geval je tijdens je dienstverband bij Makro zou overlijden. Met deze Anw-hiaatverzekering voorkom je dat je partner na jouw overlijden er te veel in inkomen op achteruit gaat. Zo zorg je ervoor dat je partner een aanvulling op zijn of haar inkomen ontvangt in de vorm van het Anw-hiaatpensioen, totdat je partner AOW ontvangt.

Op de website van de Sociale Verzekeringsbank: SVB.nl, kun je nagaan of je partner na jouw overlijden in aanmerking komt voor een Anw-uitkering van de overheid. Als dat niet zo is, kun je overwegen een Anw-hiaatpensioen van Metro Pensioenfonds af te sluiten.

Anw-hiaatverzekering vervalt nadat je uit dienst bent of met pensioen
Je kunt alleen meedoen aan de vrijwillige verzekering voor het Anw-hiaatpensioen zolang je in dienst bent bij Makro. Doe je mee met de Anw-hiaatverzekering, dan vervalt deze automatisch als je uit dienst of met pensioen gaat.

Meer informatie over de vrijwillige Anw-hiaatverzekering vind je in het pensioenreglement in laag 3.

ruilen

Ouderdomspensioen ruilen voor partnerpensioen

Als je met pensioen gaat of uit dienst gaat, en er is geen of te weinig partnerpensioen voor je partner in het geval je overlijdt, dan kun je een deel van je ouderdomspensioen ruilen voor partnerpensioen. Je krijgt dan een lager ouderdomspensioen. Maar je partner krijgt dan wel een hoger pensioen van Metro Pensioenfonds wanneer je komt te overlijden.

Let op: dit is een eenmalige keuze op het moment van pensioneren of uitdiensttreding! Als je eenmaal gekozen hebt om te ruilen kan het niet meer ongedaan worden gemaakt. Meer over het ruilen van ouderdomspensioen voor partnerpensioen lees je in het pensioenreglement in laag 3.

Partnerpensioen ruilen voor ouderdomspensioen

Naast ouderdomspensioen bouw je ook partnerpensioen op. Er kunnen redenen zijn waarom je het partnerpensioen wilt ruilen voor een hoger ouderdomspensioen. Misschien heeft je partner zelf een goed pensioen, of misschien heb je geen partner (meer).

Let op: dit is een eenmalige keuze op het moment van pensioneren! Als je eenmaal gekozen hebt om te ruilen kan het niet meer ongedaan worden gemaakt. Als je wel een partner hebt moet hij of zij het wel eens zijn met deze keuze. Meer over het ruilen van partnerpensioen voor een hoger ouderdomspensioen lees je in het pensioenreglement in laag 3.

vervroegen_uitstellen

Eerder of later met pensioen gaan

Je kunt er voor kiezen om je pensioen eerder in te laten gaan dan op je 68-jarige leeftijd. Je kunt in principe al vanaf 58-jarige leeftijd met pensioen. Dat betekent wel dat je ouderdomspensioen lager wordt. Dat is logisch, want je pensioen wordt over een kortere periode opgebouwd en over een langere periode uitgekeerd. Eerder met pensioen gaan heeft dus financiële gevolgen.

Let op: je moet er ook rekening mee houden dat de AOW later ingaat dan je vervroegde pensioen. Op SVB.nl kun je zien wanneer je AOW-uitkering ingaat.

Extra keuzemogelijkheid bij vervroegen: AOW-overbrugging
Als je voor je AOW-leeftijd met pensioen wilt, dan kan het dus zijn dat je pensioen te laag is. Je mist immers een basispensioen, de AOW. Hiervoor biedt Metro Pensioenfonds een extra keuzemogelijkheid. Je kunt namelijk een deel van je (levenslang) ouderdomspensioen uitruilen voor een tijdelijk ouderdomspensioen, ook wel AOW-overbrugging genoemd. De hoogte van deze AOW-overbrugging bepaal je zelf, maar het mag niet meer zijn dan twee maal de AOW-uitkering voor gehuwden inclusief vakantiegeld. Maar dan wordt je ouderdomspensioen vanaf je AOW-leeftijd wel lager.

Uitstellen
Je kunt er ook voor kiezen om het pensioen later te laten ingaan dan 68 jaar, maar niet later dan 5 jaar na de AOW-ingangsdatum. Als je later met pensioen gaat, dan wordt je opgebouwde ouderdomspensioen verhoogd. Kijk voor de voorwaarden voor het uitstellen van pensioen in het pensioenreglement.

Let op: voor het uitstellen van je pensioen is het niet noodzakelijk om langer door te werken bij je werkgever.

Voor een deel met pensioen gaan

In plaats van ineens met pensioen te gaan op je 68e kun je er ook voor kiezen om een deel van je pensioen eerder in te laten gaan. Dat kan vanaf 58 jaar. Dat betekent wel dat het deel van het ouderdomspensioen dat je eerder laat ingaan, lager wordt. Deeltijd met pensioen gaan heeft dus financiële gevolgen. De pensioenopbouw stopt gedeeltelijk en het ouderdomspensioen wordt verlaagd. Voor het deel dat je doorwerkt bouw je nog wel pensioen op. Als je deeltijd met pensioen gaat moet je uiterlijk 5 jaar na de AOW-ingangsdatum volledig met pensioen. Je hebt wel toestemming nodig van je werkgever om door te werken na je 68e voor het deel dat je nog werkt.

Overleg met je werkgever als je in deeltijd met pensioen wilt.

hoog_laag_laag_hoog

Eerst een hoger pensioen krijgen

Je kunt de keuze maken om eerst een paar jaar een hoger ouderdomspensioen te ontvangen, en daarna een lager ouderdomspensioen. Vanaf dat tweede moment is je ouderdomspensioen lager dan op je Uniform Pensioenoverzicht (UPO) staat. Je kunt variëren vanaf het moment dat je met pensioen gaat tot 5 jaar na de AOW-ingangsdatum.

Let op: dit is een eenmalige keuze! Als je hier eenmaal voor gekozen hebt kan het niet meer ongedaan worden gemaakt. Neem daarom ongeveer 6 maanden voor je gewenste pensioendatum contact op met het pensioenfonds. We kunnen dan een berekening maken zodat je inzicht krijgt in de financiële gevolgen van deze keuze.

Je kunt ook de keuze maken om eerst een paar jaar een lager ouderdomspensioen te ontvangen en daarna een hoger ouderdomspensioen. Vanaf dat 2e moment heb je bij deze keuze een hoger ouderdomspensioen dan op je Uniform Pensioenoverzicht (UPO) staat.

Hoe zeker is je pensioen?

risico

De hoogte van je pensoen is niet gegarandeerd

De opbouw en uitbetaling van pensioen gaan over een heel lange periode. Vanaf de start van de opbouw tot de laatste pensioenuitbetaling kan wel eens meer dan 70 jaar zitten.

In zo’n periode verandert de wereld waardoor er risico’s kunnen ontstaan die je pensioen bedreigen. De risico’s leiden mogelijk tot een tekort.

Metro Pensioenfonds probeert voorbereid te zijn op de risico’s die je pensioen kunnen bedreigen. In het verleden is dat niet altijd goed gegaan. Bijvoorbeeld door de snelle stijging van de levensverwachting. Die stijging is namelijk groter dan de stijging waarmee we in het verleden rekening hielden. Als deelnemers gemiddeld ouder worden, moet hun pensioen langer worden uitbetaald. Metro Pensioenfonds moet dan meer geld hebben dan waar eerst op werd gerekend.

De rente beïnvloedt de waarde van pensioenen. Pensioenuitvoerders maken van tevoren een inschatting van het geld dat ze nodig hebben om de pensioenen te kunnen uitbetalen. Hoe lager de rente is, hoe meer geld pensioenuitvoerders ‘in kas’ moet hebben om later alle pensioenen te kunnen uitbetalen. Als de rente langdurig laag blijft, maakt dat de pensioenen dus duurder.

Ook de beleggingsresultaten kunnen tegenvallen. Daarom zorgt Metro Pensioenfonds ervoor dat de beleggingen gespreid worden over meerdere beleggingssoorten. Winst op een belegging kan verlies op een andere belegging goedmaken. Een pensioenuitvoerder kan beleggingsrisico’s ook afdekken. Daar zijn wel kosten aan verbonden.

Er zijn nog meer risico’s waar pensioenuitvoerders rekening mee moet houden om je pensioen zo goed mogelijk te beschermen. Metro Pensioenfonds moet die risico’s dus letterlijk ‘managen’.

Pensioenuitvoerders moeten bij beleidsbeslissingen gebruikmaken van de zogenoemde beleidsdekkingsgraad. De beleidsdekkingsgraad van het pensioenfonds is onder meer van belang bij besluiten van het bestuur die gaan over het verlenen van indexatie. Ook is de beleidsdekkingsgraad een belangrijke graadmeter voor de vraag of het pensioenfonds genoodzaakt is de pensioenen te verlagen. Als de beleidsdekkingsgraad van het pensioenfonds lager is dan 100% dan mag het pensioenfonds niet meewerken aan individuele waardeoverdrachten. De beleidsdekkingsgraad is een gemiddelde over 12 maanden. Je leest hier meer over bij Financiële situatie.

indexatie

Indexatie voor een waardevast pensioen

Geld wordt elk jaar meestal minder waard. Je kunt met hetzelfde geld in 2021 minder kopen dan in 2020. Dit heet inflatie. Ons pensioenfonds probeert je pensioen daarom elk jaar op 1 januari te verhogen. Het pensioen dat je hebt opgebouwd groeit dan mee met de prijzen. Dit heet toeslagverlening. Zo is je pensioen waardevast.

Toeslagverlening lukt niet altijd
Onze beleidsdekkingsgraad moet hoog genoeg zijn. Daarnaast mag toeslagverlening alleen als we verwachten dat dit in de jaren daarna ook kan. Dit betekent dat we meer geld nodig hebben om je pensioen te kunnen verhogen.

De laatste 5 jaar veranderden wij de pensioenen zo
Dit jaar hebben wij je pensioen per 1 januari 2021 (over 2020) niet verhoogd. De prijsontwikkeling uitgaande van het consumentenprijsindexcijfer afgeleid over de periode oktober 2019 tot oktober 2020 bedroeg 1,12%. Je ziet in deze tabel of de afgelopen jaren de stijging van de prijzen is goedgemaakt met een (gedeeltelijke) verhoging van je pensioen.

Jaar Indexatie pensioen Stijging van de prijzen*
2020 0,00% 1,73%
2019 0,93% 1,68%
2018 0,50% 1,34%
2017 0,00% 0,36%
2016** 0,00% 0,34%

*Bron: Centraal Bureau voor de Statistiek, de consumentenprijsindex alle bestedingen afgeleid oktober – oktober
**Tot en met 2016 werd gekeken naar de loonstijgingen volgens de CAO voor de Groothandel in Levensmiddelen

Indexatie in de toekomst
Onze financiële situatie was de afgelopen tijd niet goed genoeg om je pensioen elk jaar (volledig) te verhogen. Het is niet zeker of we de komende jaren je pensioen mee kunnen laten groeien met de prijzen.

De afgelopen jaren is je pensioen niet verlaagd. We verwachten dat we je pensioen de komende jaren ook niet hoeven te verlagen.

tekort

Als ons pensioenfonds een tekort heeft

Het kan gebeuren dat Metro Pensioenfonds ondanks alle voorzorgen toch geld tekort komt om op de lange termijn alle pensioenen te kunnen uitbetalen. Dan moet er iets gebeuren. De pensioenuitvoerder heeft de taak zo zorgvuldig mogelijk af te wegen wat de beste oplossing is. Het bestuur kan ook kiezen voor een combinatie van maatregelen. In het uiterste geval kunnen wij besluiten je opgebouwde pensioen of pensioenuitkering te verlagen.

Meer over hoe Metro Pensioenfonds er financieel voor staat, lees je bij Financiële situatie.

Welke kosten maken wij?

kosten

Metro Pensioenfonds maakt verschillende kosten om de pensioenregeling uit te voeren. Denk bijvoorbeeld aan kosten voor de administratie. Daar vallen de kosten voor de uitbetaling van de pensioenen en de inning van de premies onder. Ook maken wij kosten voor de communicatie, bijvoorbeeld voor het maken en verzenden van dit Pensioen 1-2-3 en het Uniform Pensioenoverzicht.

Daarnaast zijn er de kosten om het vermogen te beheren. Beleggen van het vermogen kost geld. Wij betalen bijvoorbeeld de partijen waaraan wij vragen om het vermogen te beleggen. Ook maken wij transactiekosten. Dit zijn bijvoorbeeld de kosten die de beurs in rekening brengt bij de aankoop of verkoop van aandelen of obligaties.

In het jaarverslag vind je een specificatie van de kosten die wij maken. Het jaarverslag vind je in Laag 3.

Wanneer moet je in actie komen?

waardeoverdracht

Als je van baan verandert

Als je van baan verandert en daardoor naar een andere pensioenregeling gaat. De hoogte van je opgebouwd pensioen per jaar bepaalt wat er met je pensioen gebeurt.

Is je opgebouwd pensioen hoger dan € 503,24 (2021) per jaar dan beslis je zelf of je je pensioen meeneemt. Dit kan bijvoorbeeld gunstig zijn als je nieuwe werkgever een betere pensioenregeling heeft. Of misschien wil je alle pensioenen bij 1 uitvoerder hebben. Laat je nieuwe pensioenuitvoerder dan weten dat je je pensioen wilt meenemen. Het meenemen van je pensioen regel je bij je nieuwe pensioenuitvoerder. Wil je je pensioen niet meenemen? Dan blijft je pensioen bij Metro Pensioenfonds staan.

Is je opgebouwd pensioen lager, maar wel hoger dan € 2,- per jaar dan zorgt Metro Pensioenfonds er automatisch voor dat je pensioen meegaat naar je nieuwe pensioenuitvoerder als je na 1 januari 2018 uit dienst bent gegaan. Metro Pensioenfonds checkt daarom jaarlijks bij mijnpensioenoverzicht.nl of je pensioen opbouwt bij een nieuwe pensioenuitvoerder. Heb je geen nieuwe pensioenuitvoerder dan blijft je pensioen bij Metro Pensioenfonds.

Als je arbeidsongeschikt wordt. Of als er iets verandert

Als je voor meer dan 35% arbeidsongeschikt wordt (en je hebt recht op een WIA-uitkering), heb je recht op (gedeeltelijke) voortzetting van je pensioenopbouw zonder dat je daar zelf nog premie voor betaalt.

Ook kun je dan recht hebben op een arbeidsongeschiktheidspensioen. Deze premievrije pensioenopbouw en het arbeidsongeschiktheidspensioen zijn afhankelijk van de mate van je arbeidsongeschiktheid.

Het is belangrijk dat je de gevolgen van je arbeidsongeschiktheid voor je pensioen in kaart brengt. Je hoeft ons niet zelf te informeren over je arbeidsongeschiktheid. Dat gebeurt automatisch door het UWV.

samenwonen_trouwen

Als je gaat trouwen of samenwonen. Of als je geregistreerd partner wordt

Trouwen of een geregistreerd partnerschap aangaan is voor het pensioenfonds hetzelfde. Je moet dan goed kijken of je partner bij je overlijden recht heeft op partnerpensioen. Vind je dat het partnerpensioen niet goed genoeg geregeld is, zorg dan dat je iets extra’s regelt.

Let op bij ongehuwd samenwonen: als je ongehuwd samenwoont, heeft je partner niet automatisch recht op partnerpensioen bij je overlijden. Om je partner daarvoor in aanmerking te laten komen, moet je aan bepaalde voorwaarden voldoen, bijvoorbeeld een notarieel samenlevingscontract hebben. Een kopie van dat contract moet worden opgestuurd naar je pensioenfonds. Als je geen samenlevingscontract hebt dan moet je kunnen aantonen dat je al minimaal 5 jaar een gemeenschappelijke huishouding voert en minimaal 5 jaar op hetzelfde adres staat ingeschreven. Alleen dan kan je partner aanspraak maken op partnerpensioen na je overlijden.

We raden je aan je partner met wie je ongehuwd samenwoont aan te melden bij het pensioenfonds door middel van het formulier ‘Verklaring van het bestaan van de gezamenlijke huishouding’. Hiermee voorkom je dat je partner na jouw overlijden zelf contact moet opnemen met het pensioenfonds om eventueel voor een partnerpensioen in aanmerking te komen.

scheiden

Als je gaat scheiden of niet meer samenwoont. Of als je geregistreerd partnerschap stopt

Je ex-partner heeft recht op de helft van het ouderdomspensioen dat je hebt opgebouwd tijdens het huwelijk of de periode van het geregistreerd partnerschap. Je kunt met je ex-partner afwijkende afspraken maken. Bijvoorbeeld om het pensioen níet te verdelen. Of juist om de periode voorafgaand aan het huwelijk of de relatie ook te laten meetellen in de verdeling. Deze afspraken moeten worden vastgelegd in het scheidingsconvenant. Om ervoor te zorgen dat de ex-partner een deel van het ouderdomspensioen ontvangt, moet jij of je ex-partner binnen twee jaar het pensioenfonds op de hoogte stellen van de scheiding en de eventuele afwijkende afspraken.

Om het deel van het ouderdomspensioen rechtstreeks aan de ex-partner te kunnen uitkeren, heeft Metro Pensioenfonds een door jou en je ex-partner getekend formulier “Mededelingsformulier in verband met verdeling van ouderdomspensioen bij scheiding” nodig. Als Metro Pensioenfonds dit formulier niet op tijd ontvangt, vervalt het recht op rechtstreekse uitbetaling door Metro Pensioenfonds aan je ex-partner. Je moet dan je zelf zorgdragen voor de maandelijkse betaling aan je ex-partner.

Als je gaat scheiden van een partner met wie je na je pensionering bent getrouwd of een geregistreerd partnerschap bent aangegaan, dan heeft dit geen gevolgen voor de verdeling van je pensioen.

Let op bij ongehuwd samenwonen: het recht op een deel van het ouderdomspensioen geldt niet voor ongehuwd samenwonenden. Ongehuwd samenwonenden moeten zelf afspraken maken over de verdeling van het pensioen.

Partnerpensioen
Je ex-partner heeft ook recht op het partnerpensioen dat je hebt opgebouwd tot de datum van echtscheiding of beëindiging geregistreerd partnerschap. Voor het recht op het partnerpensioen hoef je niets te doen. Tenzij je ex-partner afstand doet van het recht, dan moet je het pensioenfonds wel informeren. In het echtscheidingsconvenant waarvan je een kopie aan Metro Pensioenfonds stuurt, moet dan expliciet de term ‘bijzonder partnerpensioen’ zijn genoemd. Anders zijn wij wettelijk verplicht het bijzonder partnerpensioen toch aan je ex-partner toe te kennen.

Let op bij ongehuwd samenwonen: Ook ongehuwd samenwonenden kunnen recht hebben op het partnerpensioen. Als je het ongehuwd samenwonen beëindigt moet je dit doorgeven aan het pensioenfonds. Je ex-partner ontvangt dan van Metro Pensioenfonds een bewijs van de premievrije aanspraak op het partnerpensioen
verhuizen

Als je verhuist naar of in het buitenland

Meld dit aan je pensioenfonds en bespreek wat de gevolgen zijn voor je pensioen. Informatie over de gevolgen voor de AOW vraag je aan bij de Sociale Verzekeringsbank. Of kijk op.SVB.nl.

Let op: ook als je binnen het buitenland verhuist, moet je ons daarover informeren.

werkloos

Als je werkloos wordt

Als je dienstverband wordt beëindigd stopt je deelname aan onze pensioenregeling. Je bouwt dan niet verder pensioen op.

Het is belangrijk dat je de gevolgen van je werkloosheid voor je ouderdomspensioen en voor het partner- en wezenpensioen in kaart brengt.

Je hoeft het ons niet te laten weten als je werkloos wordt
Je werkgever geeft dit aan ons door.

Je krijgt een overzicht van jouw pensioen als je uit dienst gaat
Daarna vind je ieder jaar jouw pensioenoverzicht bij Mijn Pensioen. Eens in de 5 jaar krijg je van ons een overzicht van jouw pensioen bij dit pensioenfonds.

meerminderwerken

Als je meer of minder gaat werken

Als je meer of minder gaat werken informeer dan ook naar de gevolgen voor je pensioen. De pensioenopbouw verandert evenredig mee.

verlof

Als je met onbetaald verlof gaat

Als je tussentijds verlof opneemt, bijvoorbeeld ouderschapsverlof of zwangerschapsverlof informeer dan naar de gevolgen voor je pensioen. Gedurende de periode van ouderschapsverlof bouw je geen pensioen op.

mijnpensioenoverzicht

Kijk minstens 1 keer per jaar op mijnpensioenoverzicht.nl

Kijk tenminste 1 keer per jaar hoeveel pensioen je hebt:

Jouw pensioen bij ons pensioenfonds vindt op uw Uniform Pensioenoverzicht. Je krijgt dit overzicht elk jaar van ons. Werk je niet meer? Dan is dit elke 5 jaar.

keuze

Als je een eigen keuze wilt maken voor je pensioen

Je hebt verschillende keuzes voor je pensioen. Je kunt bijvoorbeeld je oude pensioen meenemen naar je nieuwe pensioenfonds. Die keuze maak je als je van baan verandert. Wil je je pensioen eerder, later of voor een deel laten ingaan? Die keuze hoef je pas te maken als je pensioen bijna ingaat. Kijk voor meer informatie en andere keuzes bij Welke keuzes heb je zelf? in dit Pensioen 1-2-3.

Maak je een keuze op je pensioendatum? Dan kun je die maar 1 keer doorgeven. Je kunt dit daarna niet meer veranderen. Zorg dus dat je alle informatie hebt voordat je een keuze maakt.

Persoonlijke gegevens

Dit onderdeel gebruik je alleen als je een pensioenoverzicht hebt ontvangen. Hieronder leggen we graag de gegevens verder uit.

Pensioenuitvoerder
Het fonds waar je pensioen opbouwt.

Soort pensioenregeling
Je hebt een bruto uitkeringsovereenkomst. Dit is een pensioenregeling waarbij je een vaste pensioenaanspraak opbouwt.

Je salaris dat meetelt voor je pensioenregeling
Dit is het deel van je salaris waarover je pensioen opbouwt. Bijvoorbeeld je maandelijks salaris. Maar soms bouw je over meer onderdelen op. Dit noemen we het pensioengevend salaris. Je vindt alle onderdelen die meetellen in het reglement in laag 3.

Je bouwt geen pensioen op over...
Over een gedeelte van het salaris bouw je geen pensioen op. Dit noemen we de franchise.

Salaris waarover je wel pensioen opbouwt
Dit is het deel dat wordt gebruikt om je pensioenopbouw te berekenen. Dit noemen we de pensioengrondslag.

Percentage jaarlijkse pensioenopbouw
Je bouwt elk jaar pensioen op over een deel van je pensioengrondslag. Dit is een percentage. We noemen dit je opbouwpercentage.

Factor A (voor je belastingaangifte)

Heb je meerdere pensioenoverzichten ontvangen? Dan moet je de factor A-bedragen op deze pensioenoverzichten bij elkaar tellen. Wil je een berekening maken van jouw fiscale ruimte? Gebruik dan de Rekenhulp Lijfrentepremie van de Belastingdienst. Dat vind je op belastingdienst.nl. Je financieel adviseur kan je hierbij ook helpen.

vragen

Als u vragen heeft

Als je vragen hebt over wat je zelf moet doen. Of over de keuzes die je hebt voor jouw pensioen. Kijk op deze website. Of neem contact met ons op.

Meer weten over…

…je pensioenregeling bij ons? Ga naar laag 3.
…je eigen pensioenbedragen? Kijk bij Mijn pensioen. Of op mijnpensioenoverzicht.nl voor je totale pensioen.